Waarom je beroemde schilderijen in de toekomst aan kunt raken

(Foto en video: Omroep West).

Wie wil er niet een nauwelijks van echt te onderscheiden ‘Meisje met de Parel’ van Vermeer of ‘Het Puttertje’ van Carel Fabritius in de huiskamer hebben hangen? Hoewel dat nog een rechtenkwestie is, sluit de Leidse onderzoeker Liselore Tissen het dankzij 3D-scanners en -printers niet uit. Het roept de vraag op of daarmee het originele schilderij vervangbaar is. Tissen denkt van niet, 3D-reproducties bieden vooral nieuwe kansen.

“Je krijgt straks één op één zo’n schilderij in je hand van ander materiaal, waar je dus echt die verfstructuur, die huid, die dingen die in het echte schilderij zitten, mag aanraken”, zegt een enthousiaste Nicole Roepers, de collectiebeheerder van het Leidse museum De Lakenhal over het onderzoek van promovendus Tissen. “Contra-compositie VII van Theo van Doesburg is gefotografeerd. Met de lijst. En daar zitten barstjes in en aan de achterkant houtwormgaatjes. Ik ben benieuwd hoe dat zo te zien is. Dat kan je letterlijk vasthouden.”

Het onderzoek met de 3D-geprinte museumstukken is van Liselore Tissen: buitenpromovendus technische kunstgeschiedenis aan Universiteit Leiden en TU Delft. Ze onderzoekt wat 3D-reproducties kunnen betekenen voor technisch kunsthistorisch onderzoek en de conservering en presentatie van schilderijen. In een eerder stadium werden onder meer ‘Meisje met de Parel’ van Vermeer, ‘Het Puttertje’ van Carel Fabritius en ‘Zelfportret’ van Rembrandt gescand en geprint. Deze week is het de beurt aan twee hedendaagse werken van Theo van Doesburg, die te zien zijn bij Museum De Lakenhal.

Schade
De 3D-geprinte schilderijen bieden ook mogelijkheden voor onderzoek. Collectiebeheerder Roepers: “We kunnen zien uit wat voor lagen de schilderijen zijn opgebouwd. Dus het is voor ons heel interessant om te volgen. Daarna kom je op grote vragen als hoe ga je daar in de toekomst in je museum mee om.” Want het origineel vervangen door een 3D-reproducties is nog niet aan de orde: “Dat zou kunnen, maar wij zijn nog niet zover. Dat gaan we zeker nog niet doen.”

Tissen ziet vooral de mogelijkheden die een 3D-scan biedt: “Doordat je een werk kan 3D-scannen kan je bijvoorbeeld de kleuren weghalen, waardoor je veel meer informatie van het oppervlak krijgt. Je kan zien hoe de verf is veranderd, of er schade is toegebracht en hoe de schilder te werk is gegaan. Zo kan je ook van een hedendaags werk van Theo van Doesburg, dat in eerste instantie niet zo complex lijkt, toch achter heel veel bijzondere dingen komen.”

Aanraken
Doordat je met de scan heel erg kan uitvergroten kom je volgens Tissen veel meer te weten over het schilderij: “Je kunt heel goed het verfstrekenpatroon en de beschadigingen zien. Daarnaast kan je het aanraken, waardoor je op een hele andere manier met je vingers naar dat schilderij kan kijken. We zijn nu in musea heel erg gewend om te kijken met onze ogen op afstand, maar door het aan te raken besef je hoe het is opgebouwd en hoeveel reliëf het heeft. Dat kun je met je vingers veel beter waarnemen.”

Musea worden hierdoor ook toegankelijker voor visueel gehandicapten: “Niet iedereen kan even goed zien natuurlijk. Voor kinderen is het ook leuk, want het zegt meer dan een lap tekst op de muur. Daarnaast kun je reconstrueren hoe een schilderij er ooit uit heeft gezien. Zonder vervaagde kleuren of zonder barstjes in de verf. Het geeft een heel ander beeld van een kunstwerk en begrijpen we een stuk beter hoe een kunstwerk moet zijn geweest en hoe het is veranderd door de tijd heen.”

Het enige waarin een 3D-reproductie verschilt van het origineel is natuurlijk het materiaal, want dat is gewoon plastic. Voor de rest zie je geen onderscheid. Toch denkt Tissen niet dat in de toekomst het origineel wordt vervangen door een kopie: “We willen niet voor de gek worden gehouden als we naar een museum gaan om kunstwerken te zien. Hoe echt een reproductie ook is, het publiek wil wel iets zien dat op het echte lijkt. Dat is ook wel het enge, want een reproductie ziet er wel zo echt mogelijk uit. Dus dat maakt de kans wel groter dat je kan worden gefopt. Dat is wel een heel interessant spanningsveld.”

Dat geldt ook voor het op de markt brengen van 3D-reproducties. Tissen: “Daar moet wel goed over nagedacht worden hoe dat zit met copyright. Hoe vaak mag je zoiets printen en wie bezit de data? Maar inderdaad, het is ook heel interessant om dat op de kunstmarkt te brengen.”

Cultuur Leiden

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Ter controle invullen: *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.